Blog

Liefde als je drive, missionaire identiteit

Onreligieuze mensen werden steevast aangetrokken door de Jezus’ onderwijs. Terwijl de Bijbelgelovige, religieuze mensen van die dagen zich eraan stoorden. In onze tijd hebben de kerken veelal niet dat effect. De buitenstaanders die Jezus trok, worden vandaag juist niet door kerken aangetrokken. Wij trekken veelal conservatieve, stijve, moralistische mensen aan. Losbandige en vrijgevochten of geknakte en marginale types vermijden de kerk. Dit kan maar één ding betekenen. Als de prediking van onze dominees en het handelen van onze kerkleden niet het effect op mensen heeft dat Jezus had, dan brengen we vast en zeker niet dezelfde boodschap als Jezus. (Citaat van Tim Keller in De Vrijgevige God, hoofdstuk 1, p. 18 en 19).

Deze uitspraken zetten de zaak van een missionaire identiteit van de kerk stevig in.

Want hoe komt het dat we als kerk in Nederland zo weinig bekeerlingen krijgen? Zo weinig alto’s, bohemiens, kunstenaars, prostituees, niet-christenen? Ligt het aan de christelijke boodschap? Ligt het aan onze liefde voor God, of voor onze medemensen. Ligt het aan hoe we kerk zijn? Of is het nog weer heel anders?

Alan Hirsch (kerkplanter, missioloog en auteur) was onlangs in Nederland waar hij op de Theologische Universiteit in Kampen een interessant betoog heeft gehouden over hoe de kerk in de 21e eeuw om moet gaan met haar missionaire taken. In een van zijn boeken (On te Verge) geeft hij drie redenen waarom de kerk geen missionaire identiteit (meer) heeft.

  1. De kerk is haar identiteit als gezonden gemeenschap kwijtgeraakt
    Eerlijk gezegd weten we dat zelf ook wel, als we naar onszelf kijken.

    We zijn vooral een kom-en-kijk-en-doe-mee-kerk. We gaan er niet meer op uit, ondanks het bevel van Jezus: ‘Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen’ (Matteüs 28:19).
  2. De kerk is drie van haar vijf belangrijke functies kwijtgeraakt
    Hirsch gaat uit van de vijfvoudige bediening van Efeziërs 4. De kerk is echter al heel lang haar evangelisten, vernieuwers en profeten kwijtgeraakt. Wat we hebben gehouden zijn onderwijs en pastoraat. En door het verlies werd de kerk passief.
  3. We hebben als kerk een marginale positie gekregen in de maatschappij
    Dat vindt Hirsch geen reden voor inkeer (een conclusie van Wim Dekker na eenzelfde analyse) maar een reden voor herbezinning op kerk-zijn. Kunnen we kerk zijn op andere manieren? Kerk met andere methodieken en werkend op nog niet verkend  terrein?

Alan Hirsch

Hieronder over alle drie de redenen iets meer uit het boek On the Verge. (Een uitwerking en veel voorbeelden vind je hierover op ons weblog www.centrumg.nl  bij: ‘Help, de kerk verdwijnt‘.)

Het verdwijnen van de gezonden gemeenschap

In een heel interessante weergave van de kerkgeschiedenis komt Hirsch tot dezelfde conclusie als eerder Kees Haak in Kerk in de 21e eeuw. Beide schrijven over het grootste kantelpunt in de kerkgeschiedenis: een gebeurtenis in de 4e eeuw. Op het moment dat de kerk staatskerk werd (± 330) onder keizer Constantijn verdween haar missionaire elan. Niet verwonderlijk, want…

  • Vanaf dat moment was het ‘verplicht’ en dus normaal om christen te zijn. Waar je eerst werd vervolgd om je geloof, was geloven nu voorwaarde om bijvoorbeeld ambtenaar te worden.
  • Waar eerst gewone christenen anderen ‘wonnen voor Christus’ waren het nu (vaak betaalde) voorgangers die het geloof onderwezen.
  • Waar de kerk zich eerst verspreidde door zending, dwars door alle grenzen van ras, sekse, taal en land heen, was nu het hele Romeinse rijk gekerstend en was zending vooral een pacificatiebeleid van de Romeinse keizers. Zo kregen de Batavieren kerst, en de Franken en Saksen begonnen Pasen te vieren.

De kerk gezonden? Niet meer. Ondergronds? Niet langer. Een beweging? Een instituut! Iedere christen een betrokken christen? Hmm…, veel betaalde krachten en veel semi-geloof uit eigenbelang. In 2012 is de situatie echt heel anders. Althans op sommige punten. Wat opvalt is dat kerk en geloof een teruglopende zaak zijn in Nederland. Reden tot grote zorg, zegt de een. Reden voor urgente actie, zegt Hirsch.

Het verdwijnen van bepaalde kerkelijke functies

Hirsch benadrukt steeds weer en heel nadrukkelijk de rol van iedere christen. Het ambt van alle gelovigen dus. De kerk ís in haar kern een groepje mensen met Christus als Heer. De basis van de kerk zijn Henk en Ingrid + John en Anita én Christus.

Apostel, Profeet, Evangelist, Herder, Leraar

Hier noemt Hirsch de vijfvoudige bediening uit Efeziërs 4: Apostel, Profeet, Evangelist, Herder, Leraar (APEHL). Hirsch beweert dat toen de kerk staatskerk werd, alleen Herders en Leraars nodig bleven. En die functies werden betaald gemaakt. De APE (Apostelen, Profeten en Evangelisten) verdwenen in die tijd uit de kerk, om nooit meer echt terug te komen. Ook niet bij de Reformatie. De kerk was en bleef tot de 19e eeuw te veel een staatskerk en een deel van het ‘establishment’.

Wat kun je nu doen om als kerk je missionaire identiteit terug te vinden? Ga op zoek naar mensen met Apostolaat (Vernieuwers, Katalysatoren), Profetische gaven (Waarschuwers: Lezen de cultuur en Herinterpreteren die vanuit de Bijbel) en Evangelisten (Winnaars voor Christus, Wegtrekkers en Binnenhalers). Als de kerk deze functies opnieuw instelt, komen ook de Herder (Zorger) en Leraar (Onderwijs en groei) weer echt tot hun recht!

Weg uit de marge: op zoek naar nieuwe manieren EN doorgaan met kerk zijn zoals we al doen

Hirsch geeft verder een overtuigend betoog waarom de kerk NIET door moet gaan met ALLEEN MAAR kerk te zijn op de huidige manieren. We bereiken er namelijk steeds minder mensen mee. En doorgaan met diezelfde manieren zal menselijkerwijs niet leiden tot meer bekering.

Wat dan wel? We moeten gaan experimenteren, nieuwe groepen proberen te bereiken.

Hoe? Door de kerk te brengen naar waar mensen zijn. Dus ga-kerken en ga-mensen worden. Er zijn al wat kleine voorbeelden te zien in Nederland. Missionaire verhuizers, tafelkerken, simpelkerken (kringen die huiskerk zijn of worden), een KerkLab, een protestants stadsklooster en een kroegkerk. Op zoek gaan waar Gods Geest deuren en harten opent.

Hirsch houdt dus een pleidooi voor nieuwe vormen van kerkplanting en van nieuwe, nog onbekende manieren van kerk zijn. En, schrijft hij, ga daarnaast verder met aantrekkelijk kerk zijn op de bekende manieren: een prachtige, heilige kern met een zachte, gastvrije grens.

Hirsch noemt dit En/En denken: Missionair EN Attractief.

Daarbij moet je steeds de focus houden op wat Jezus leerde aan zijn discipelen: Win mensen voor mij, maak van hen discipelen, leid ze op zodat ze zelf ook weer gezonden kunnen worden.

Geloof dat leeft: kerk met identiteit

Drie groepen mensen ontvangen in Marcus 4 het evangelie (in de gelijkenis van de zaaier) en nemen dat goede nieuws aan. Bij twee ervan ontstaat geen veranderd leven. De eerste groep heeft geen geduld en volharding om het lijden te dragen. De tweede groep blijft zichzelf zorgen maken over het eigen persoonlijke leven en het eigen bezit.

De enige groep die wel veranderde heeft niet harder gewerkt en is ook niet gehoorzamer geweest; het zijn de mensen die horen en begrijpen. Deze mensen dragen vrucht. Dertig-, zestig- en soms honderdvoudig. (Citaat van Tim Keller in De Vrijgevige God)

Luther schreef het zo: We worden gered door geloof alleen. Maar niet als dat geloof alleen blijft. De identiteit voor de kerk wordt gemaakt bepaald door God. En Hij zegt van zijn mensen dat hun leven het bewijs moet zijn van zijn liefde. Zijn liefde die (op)zoekt, die moed geeft. Zijn liefde die geduld heeft, die wacht. Zijn liefde voor de verlorenen. Onze liefde.

This Post Has 0 Comments

Leave A Reply






3 + = tien